19-8-2013
Debat- en speechcursus bij het Flevodebat in Lelystad
Lees verder >>>

16-4-2011
Debatteren is een Noodzaak Financieel Dagblad
Lees verder >>>

27-10-2010
De DebatAcademie: Mark Rutte is de beste debater
Lees verder >>>

29-3-2009
Gijs Weenink over opstappen Geert Wilders uit het Kamerdebat
Lees verder >>>

  16-4-2011

Debatteren is een Noodzaak Financieel Dagblad

Kop

Debatteren is een noodzaak

 

Onderkop

Wie promotie wil maken, moeten kunnen argumenteren, reageren en presenteren

 

Tekst: Marieke Venbrux

 

Platte tekst

DEN BOSCH - Viert half Nederland vandaag casual friday, papa- of atv-dag, niet de zeventig jonge mannen en vrouwen die - netjes gekleed en met kladblok in de hand – deze middag in de ontvangsthal van energiebedrijf Essent in Den Bosch rond lopen. De young professionals doen mee aan het Essent DebatAcademie toernooi, georganiseerd door Impulse!, de young professional-vereniging van Essent. Aan het toernooi nemen young professionals van allerlei bedrijven deel; in koppels van twee trekken ze straks tegen elkaar ten strijde.

De meeste deelnemers hebben weinig debatervaring. Daarom krijgen ze vanmiddag eerst een masterclass voorgeschoteld van Gijs Weenink (39), oprichter en eigenaar van de DebatAcademie. Wie de kunst van het debat verstaat, versterkt zijn positie op de arbeidsmarkt, weet hij. Geen overbodige luxe in een tijd dat reorganisaties hoogtij vieren. ‘Hoogopgeleid zijn we allemaal. Maar wie promotie wil maken, moet kunnen argumenteren, reageren, presenteren en communiceren. Het gaat om effectief beïnvloeden, dat leer je in een debat.’

Edith Post (26), verkoopadviseur bij Eneco, wil het ‘ver schoppen in energieland’. Daarvoor moet ze haar plannen en persoonlijke doelstellingen wel sterker onderbouwen. ‘Ik geef presentaties, neem vaak het voortouw in projecten. Maar ik wil niet alleen de mensen met wie ik samenwerk bereiken, ook de laag erboven. Dan moet ik met een duidelijk verhaal komen. Dat hoop ik vandaag te oefenen.’

In een debat gaat het erom de twijfelaars voor je te winnen, vertelt Weenink de deelnemers, die in een van de vergaderzalen zijn neergestreken. ‘Datzelfde geldt voor vergaderingen op het werk. Mensen maken vaak de fout dat ze proberen hun tegenstander te overtuigen. Maar die heeft zijn standpunt al bepaald. Kijk wie de twijfelaars zijn. Gebruik argumenten en voorbeelden die zij prettig vinden.’

Weenink maakte in 2006 deel uit van het campagneteam van het CDA. ‘Ons doel was niet de PvdA of de VVD te overtuigen van onze standpunten, maar om twijfelende VVD-stemmers voor het CDA te winnen. Dat is gelukt.’
Om twijfelaars over de streep te trekken, zijn drie ‘gouden regels’ van levensbelang. ‘Allereerst: wees aardig. Mensen hebben de neiging om, als ze het ergens niet mee eens zijn, daar hard tegenin te gaan. Maar niemand laat zich overtuigen door een klootzak.’

De professionals knikken instemmend. Dat geloven ze graag. Een vrouwelijke Essent-medewerkster vraagt zich echter wel af hoe Weenink dan het succes van Geert Wilders verklaart. ‘Wilders is misschien niet wat wij met zijn allen onder “aardig” verstaan, maar als underdog wekt hij toch sympathie. Hij vertrok niet voor niets met een bataljon journalisten naar Londen, terwijl hij wist dat hij niet welkom was.’

Tweede gouden regel om een twijfelaar in te palmen: neem de tegenargumenten mee in je betoog. ‘De twijfelaar herkent zich daarin.’ Om die herkenbaarheid verder te vergroten, is het – regel drie – verstandig jezelf als ex-twijfelaar te presenteren. ‘Iemand die een bocht heeft gemaakt, overtuigt meer dan iemand die altijd al die mening was toegedaan. Degene ‘weet waar hij over praat’.’

Met de drie gouden overtuig-de-twijfelaar-regels in het achterhoofd, is het zaak het probleem  waar het debat of een vergadering over gaat én de ernst ervan sterk neer te zetten. ‘Dan kom je met je plan. Je maakt de uitvoerbaarheid en de doeltreffendheid aannemelijk. Word je aangevallen op de uitvoerbaarheid en kom je in het nauw, onderstreep dan nog eens de ernst van het probleem. Dat werkt effectief.’

De professionals maken driftig aantekeningen. Hun voorbereidingstijd voor vanavond is kort, de tips van Weenink zijn meer dan welkom.
Bij het overbrengen van een standpunt, adviseert Weenink vast te houden aan ‘de drie basisprincipes van Aristoteles’. Het eerste is ethos. ‘Laat zien dat je te vertrouwen bent. Ik vertelde jullie bewust dat ik mijn opleiding niet heb afgemaakt. Ik wilde mezelf kwetsbaar opstellen, dat wekt vertrouwen.’

Maar, zo vraagt iemand, het gaat toch vooral om de argumenten? ‘Ja, die zijn daarnaast essentieel. Probeer ze te labelen: “Ik geef u een economisch, filosofisch en een gezondheidsargument”. Structuur vinden mensen héérlijk. En gebruik cijfers en voorbeelden ter onderbouwing.’
Iemand vraagt in hoeverre die cijfers en voorbeelden moeten kloppen. Weenink: ‘Gelijk hebben is een, gelijk krijgen is twee. Het gaat om het laatste. Je moet je argumenten aannémelijk maken. Keihard liegen zou ik echter niemand aanraden: als het wordt ontdekt ga je knoeihard onderuit.’

Ruud Lubbers wist zich overigens ooit wél met keiharde bluf staande te houden. ‘Hij had de koningin in de troonrede laten zeggen: “Het milieu is verbeterd, met name de lucht en het oppervlaktewater.” Hans van Mierlo kwam met de Dikke van Dale de Kamer in: het gebruik van ‘met name’ was niet terecht. Lubbers zei toen dat hij een editie uit 1983 in zijn torentje had staan en dat daarin ‘met name’ anders werd uitgelegd. Later bleek dat er geen Dikke van Dale uit 1983 bestond. Lubbers had glashard staan liegen. Als dat ter plekke was uitgekomen, had dat het einde van zijn carrière kunnen betekenen.’

Wie er met argumenten (logos) niet meer uitkomt, kan beter terugvallen op het derde stokpaardje van Aristoteles: pathos (gevoel). ‘Ik moest eens invallen in een debat over de afschaffing van het jachtverbod. Ik had onvoldoende argumenten tegen en schetste toen uitvoerig het beeld van een konijntje dat werd aangeschoten en gewond verder moest huppelen.’ De zaal lacht. Weenink: ‘Ja, maar probeer het maar eens! Twijfelaars die je niet met argumenten kunt overtuigen, overtuig je mogelijk wel met gevoel.’

Weenink hamert tot slot op het belang van een samenvatting. ‘Mensen vergeten zo wat er werkelijk is gezegd. Je beïnvloedt er de stemming mee. Daarom heeft een voorzitter van een vergadering veel macht.’

Die opmerking steken de professionals nog in hun zak. Ze slaan hun volgeschreven notitieboeken dicht en maken zich vol goede moed op voor de strijd.

 





Telefoon:
020 - 44 70 146
terug naar boven >